Meneba haalt het beste uit graan

Nieuws

Oogstbericht 2

Op basis van marktberichten en onze waarnemingen uit eigen onderzoek blijkt dat bij de oogst van 2016 sprake is van een grotere heterogeniteit in kwaliteit. In vergelijking met vorig jaar worden er per type tarwe dus grotere kwaliteitsverschillen geconstateerd tussen de diverse tarwepartijen. Weersomstandigheden hebben daarbij een belangrijke rol gespeeld.

Tarwe uit sommige gebieden is als gevolg van groeiomstandigheden dermate slecht van kwaliteit dat deze niet geschikt is om te vermalen voor onze toepassingen. Vooral de minder volle tarwekorrels maken dat deze tarwe niet goed te reinigen en te vermalen is. Dergelijke tarwe wordt dus ook niet door ons ingekocht en verwerkt.

Qua eigenschappen zien we het volgende:

  • Het (maal-)rendement van de nieuwe oogst valt duidelijk lager uit dan de vorige oogst.
  • Vochtgehaltes zijn ca. 1,5% hoger en as-gehaltes ca. 0,03% hoger.
  • De uitmaling valt door de gemiddeld kleinere korrel iets lager uit.
  • Dit heeft echter geen effect op de kwaliteit van de bloem of het meel.

Deze oogst zien we per tarwetype, in vergelijking met vorig jaar, een groter verschil in eiwitgehalte per tarwepartij. Dit is vermoedelijk gerelateerd aan de wisselende opbrengsten per perceel. Bij een relatief lage opbrengst is het eiwitgehalte iets hoger doordat er minder zetmeel gevormd is in de korrel. Door middel van melangering zijn we in staat om het eiwitgehalte van onze eindproducten naar het gewenste niveau te sturen.

De valgetallen (wat een maat is voor de enzymactiviteit) die vorig jaar met waarden van 340 - 440 sec. erg hoog lagen, zakken wel iets terug. Ze liggen echter nog steeds op bruikbare niveaus. Daar waar nodig zullen recepturen worden aangepast om de gebruikelijke kwaliteit te garanderen.

Het belangrijkste fenomeen dat we zien is een iets lagere wateropname, ca. 1% minder. Vermoedelijk hangt dit samen met een minder hoge zetmeelbeschadiging. Anderzijds waren vorig jaar de oogstomstandigheden in grote delen van Europa erg goed waardoor de korrels erg droog en hard waren. De waarden van de wateropname gaan terug naar het meerjarig gemiddelde.

De bakwaarde is vergelijkbaar met die van de vorige oogst. Het is nog te vroeg om iets te kunnen zeggen over deeg- en kneedgedrag, daar zullen we in een volgend bericht op terugkomen. 

Ondanks berichten over bladziekten zien we DON- waarden (een schimmeltoxine) die ruim binnen de wettelijk vastgestelde norm blijven. Rasveredeling en -keuze van de afgelopen jaren hebben naar alle waarschijnlijkheid hun vruchten afgeworpen.

Qua tempo van de oogstovergang liggen we op het schema zoals dat eerder is gecommuniceerd.